Blijf thuis, zegt iemand, de revolutie vindt plaats op het internet.
Iemand uit onze clan claimt enkele pixels op het web en
roept een groep op zodat we de irritatie kunnen verzamelen.
De ondernemers van de revolte delen op het forum ideetjes over
de opstand alsof het een bedrijfje met doorgroeimogelijkheden
in crisis betrof, anderen lullen raak over de eeuw van de wansmaak.
Nadat de media het korte embargo correct hebben opgevolgd wordt
ons oproer jegens de verouderde petroleumdroom eerst opgemerkt
als een incident, een zinloos verzet, waarna in de online pers opinies
verschijnen over onze miskende identiteit, men parallellen trekt met
andere generaties, een socioloog naar de studio wordt gehaald en vraagt
of dit een visitekaartje is voor de televisieverkiezing ‘Gek of Genie?'.
Met de advertentie-inkomsten van onze internethit - het filmpje van
de rolstoelbejaarde die hun bankbaas kidnapten uit teleurstelling
over het recente beursverlies - vragen we een soapacteur als breed
grijnzend boegbeeld voor een spotje, gedraaid door de regisseur van
een romcom vol infotainment. Iemand die graag droevige gedichten
schrijft formuleert het ziektebeeld in een bondig maar correct credo.
Met veel spektakel wordt de oude vlagvoerder, die tussen beleidsbabbels
door de onkunde als insigne droeg, veroordeeld en is de impasse niet
langer een symptoom. Omstanders noemen ons de opgehaalde neus
van de tijd, het wanhoopskoor hopend op de ommezwaai, de kentering.
Het zich verschuilen onder luifels, in pitabars, beurshuizen en gokkantoren
wordt gestaakt. We komen uit de slagschaduw van deze schertsvertoning.
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem