Er was een kamer in die stad waar ik steeds omheen cirkelde. Het was in de buurt van mijn lief. Ze wist niet dat ik soms die trappen opliep. Aan de wand hingen foto's van voor de oorlog. Ik sprak er eens over met een oude Friese schrijver. Hij zei: ‘Ik ken die kamer, ik zou er eigenlijk binnen moeten gaan, maar het gaat er niet meer van komen, ben ik bang.' Hij kreeg gelijk. Hij stierf tijdens de Spelen. De kamer is er nog steeds - de trappen op, linksaf de gang door. Iedereen weet wel zo ongeveer wat erin staat.
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem