We hebben het beste met U voor
sprak de eenling vanuit
dat overstemmend koor
ik keerde toen mijn wang
voor de tweede klap
en kreeg een Judaskus
en dacht dit is een grap
dit kan toch niet
dit is dus niet waar
maar zag toen zonneklaar
mijn ogen stonden open
mijn schellen braken
op de koude harde schone vloer
men draait zeer graag een loer
in volle zonnestralen
dat kan geen mens vertalen
dat is de overdaad aan verraad
zo kwaad toch kan toch,
kan niemand werkelijk zijn
ze hebben liefde nodig
en voelen zich zeer klein
die denkers, zielenknijpers
ze projecteren fijn
men noemt hen professioneel
het zijn verroeste ridders
de adel van het groot teveel
dat uit het lood geslagen
na hun werk bij jou
komt klagen, zo ontroostbaar
staat dus, is de ware leugen
het zijn de zeugen van de
lege moraal, een falend zoekverhaal
ze hebben nooit genoeg en
zuigen zeer brutaal
nog harder dan de aal
al in de rotte schedel! M
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem