Languit ben je de heuvels
geworden hier, de bruine
hellingen met stoppels van struiken,
de gladgewaaide breuken
in je voorhoofd van grijze steen.
Een okeren dorp in je wang.
De olijfgaard in je handpalm
groeit over je vingers heen.
Nu is het een warm seizoen
boven je voeten. Pluizige
wolken dragen koelte
aan voor de avond. Koerend
verbergen slaperige duiven
zich in de rand van je haar.
Als de regen komt deze winter
gaat je oog langzaam open:
een klare vijver in de droge
kom van de zomer. Kinderen
spelend voorovergebogen
kijken in je binnen.
Wat een verbaasd landschap. Vast
had je zelf ook niet gedacht
dat je zo stil was.
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem