De jeugd verlangt te veel
naar groei, naar aderen
in de huid van haar bestaan
en ziet het ouder worden
als het oogsten van het graan
met de smaak van vers gebakken
brood of cake en taart
de geur van de ervaring
doet hen watertanden
want brandend van verlangen
iets te worden, iemand te zijn
al ras zijn zij allen langs
het omslagpunt gekomen
en vangt men snel reeds aan
te dromen van voorbijgegaan
van de jeugd, maar er is geen
weg terug, er is misschien een brug
of twee om even te putten uit
de uitgedroogde bron, de regenton,
ook dwarse vijgen worden kras
gegeten, terwijl men langzaamaan
zo zachtjes kwijnt in het vergeten
en verdwijnt……………..
oh, nee, ik geloof niet meer,
dat geluk alleen is
met de dommen…..heer!M
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem