De Zoeaven ze namen, ze gaven
ach wat een braven ze
zoemden zo-even voorbij aan mij
toen ik hardop riep en zei;
Redt me van de averij
ach zoemende warrige bij
narrig en zogenaamd blij
dwarrelt het christenbesef
aan mij steeds langszij
me verlatend in mijn leemte
als een opgedrongen vervreemde. M
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem