SWIMMING LATE Poem by Ed Leeflang

SWIMMING LATE

Voorbij de derde bank houd ik mij drijvend,
flauw watertrappend en niet moe.

Er loopt een deining, hoog en sloom,
waarop wat vogels stijgen en verdwijnen.

Weer boven zie ik uit een golftop om.
Er ligt geen strand. Er schemert kust

met hier en daar een licht. Ik daal.
De schouderophaal van mijn zee duurt lang,

de onverschilligheid is traag
als zomer. Vraag, de stilte, wedervraag.

Ik kom in dat gesprek niet voor,
ga er aan onderdoor en voel de trek,

deksel, plank, lamp in schuimend dal,
van iets geweest, voor iets genomen.

Ver van mijn kleren aan het land gekomen.
Ik trek ze aan. Narillend van te veel heelal.

Friday, September 28, 2018
Topic(s) of this poem: swimming
COMMENTS OF THE POEM
READ THIS POEM IN OTHER LANGUAGES
Close
Error Success