WEKEN EN JAREN WERDEN EEUWEN EN EEUWEN Poem by Jan Lauwereyns

WEKEN EN JAREN WERDEN EEUWEN EN EEUWEN

De man was jong hij had veel moed veel kracht en ook
een hond die hem naar geuren voerde scherpe

sporen van haar de mooie die hem aankeek en scheen

hij zong en tokkelde op de blauwe gitaar
dingen veranderden vatten samen hervonden bijna

iets wat bloed gaf warmte kinderen wandelend

gele domme hoedjes op hun vrolijke hoofden
doodgewoon met veel lawaai op weg

naar machtige vissen en haaien in aquaria heden

en morgen hier en overal begon
de man te denken hield van haar en zong en wist.

COMMENTS OF THE POEM
READ THIS POEM IN OTHER LANGUAGES
Close
Error Success