Kapot Poem by Mario, Lucien, Rene Odekerken

Kapot

De stilte barst in duizend scherven,
een echo van wat ooit onbreekbaar leek.
Handen trillen, niets om vast te houden.
Het licht valt scheef door ramen vol stof.

Een stem in de verte roept,
maar het vindt geen weg door de leegte.
De tijd kruipt, een schaduw langs de muur.
Alles beweegt, behalve ik.

Er ligt iets op de grond,
iets dat ik niet durf te zien.
Misschien een herinnering,
misschien gewoon niets.

De wereld gaat door,
maar ik blijf hier.
In stukken.

COMMENTS OF THE POEM
READ THIS POEM IN OTHER LANGUAGES
Close
Error Success