Het licht breekt door de wolken,
een spel van schaduw en gloed.
Een moment dat alles omvat,
maar niets vraagt.
De wind ruist langs stille bomen,
een adem die tijd vergeet.
Het onzegbare leeft hier,
onzichtbaar en toch overal.
Een vogel slaat zijn vleugels uit,
het gewicht van lucht ontdoken.
Geen doel, geen reden,
alleen zijn.
In het kleine
schuilt het oneindige,
en in het grote
het ongrijpbare.
Dit is subliem:
een fluistering
die de ziel raakt,
zonder ooit gehoord te worden.
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem