Wat een decadente heren
bijbels oud, zie ze flaneren
met hun jeugdig goud
houden meisjes in bedwang
vrouwen zonder samenzang
zonder stem in openbaar
zonder frisse wind in haar
jurken moeten aangebonden
lijven dienen niet verslonden
enkel voor het pater naad
anders wordt de vader kwaad
jongens zijn het
oude grijzen
telkens weer
dat zij bewijzen
weten schoonheid niet
te prijzen
stoppen kleinood in de huizen
laten schoonheid in de kluizen
ondankbaar die oude kneuzen
schijn vertonen zich als reuzen
in een door en door verwend
geest van beest
en queeste van kinderen
zo gedwongen
teer bemind
hopend dat het teer hen bindt
uit de gratie, uit de wind
dwingelanden gaan ook dood
en dood aan de kleingeestige Despoot! M
Heb ik me dan zo enorm vergist
die nog diepere haat bij de niet racist! ? M
Wanhopige despoot
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem