Winter In Gluchołazy Poem by Mario, Lucien, Rene Odekerken

Winter In Gluchołazy

De lucht is zwaar en stil,
de adem zichtbaar in de kou.
Sneeuw bedekt de oude straten,
een zachte deken over steen en aarde.

De bomen staan naakt,
hun takken breken het grijze licht,
en vormen schaduwen op de witte grond,
fragiel en breekbaar.

Een kraai roept in de verte,
het geluid verstilt in de leegte.
De wereld lijkt kleiner,
gevangen in een eeuwige stilte.

Mensen bewegen langzaam,
hun voetstappen knarsen in de sneeuw.
Een vuur gloeit achter beslagen ramen,
levend, ondanks de kou.

In Gluchołazy wacht de lente,
maar vandaag heerst de winter,
met zijn ijzige pracht
en eindeloze rust.

COMMENTS OF THE POEM
READ THIS POEM IN OTHER LANGUAGES
Close
Error Success