Zij wandelt in schoonheid,
zoals de stilte voor de dageraad,
zacht als het fluisteren van bladeren
waar de ochtend aarzelt.
Licht verzamelt zich in haar ogen,
niet in schittering, niet in vuur,
maar in de stille gloed van kolen
die de randen van de wereld verwarmen.
De nacht vouwt zich om haar schouders,
een fluwelen hemel zonder gewicht,
waar stilte haar lied zingt
en de tijd vergeet te gaan.
This poem has not been translated into any other language yet.
I would like to translate this poem